"Verdriet, woede, angst, wanhoop… het komt allemaal aan bod"

Op een zonovergoten terras van het Kurhaus in Scheveningen praat ik met onze aanstaande chef-dirigent Nicholas Collon over de Tiende symfonie van Sjostakovitsj. Terwijl de meeuwen krijsend over ons heen scheren, op zoek naar een lekker hapje, vertelt hij over de wording en betekenis van dit monumentale werk.

“Om Sjostakovitsj’ Tiende symfonie uit 1953 te kunnen duiden, is het nodig om te bezien wat er in 1936 met Sjostakovitsj gebeurde. In die tijd vierde hij triomfen als componist van de opera ‘Lady Macbeth uit het district Mtsensk’, die toen al twee jaar in operahuizen werd opgevoerd. Op een avond bezocht Stalin een voorstelling, die hij echter na korte tijd weer verliet. Twee dagen later verscheen in de Pravda een artikel waarin de opera werd neergesabeld en Sjostakovitsj tot volksvijand werd verklaard. Hij zou daarna nooit meer een opera schrijven. Zeer betreurenswaardig! ‘Macbeth’ en ‘De neus’, zijn enige andere opera, zijn meesterwerken. Ik denk dat hij de grootste operacomponist van de twintigste eeuw zou zijn geweest.”

Censuur

“Vanaf dat moment componeerde Sjostakovitsj onder het juk van Sovjetcensuur, en legde zich toe op symfonieën. Hij had zijn vierde al klaarliggen, maar die durfde hij niet te publiceren. In plaats daarvan componeerde hij de Sovjet-vriendelijke, triomfantelijke Vijfde, die hij als ondertitel meegaf: ‘het antwoord van een Sovjet-artiest op gerechtvaardigde kritiek’. Deze symfonie werd goed ontvangen, net als zijn Zesde en Zevende, waarin de autoriteiten lofzangen meenden te horen op de kracht van het Russische volk, dat de agressie van Hitler had weerstaan. Zijn volgende, Achtste symfonie werd slecht ontvangen; te tragisch en pessimistisch. En toen was er, in 1946, de Negende symfonie: lichtvoetig, Haydn-achtig, vol bittere spot. Bepaald geen reflectie van het stoere Sovjet-ideaal. Het werk werd direct verboden! Korte tijd later, in 1948, vaardigde Stalin bij decreet strenge restricties uit voor culturele activiteiten. Sjostakovitsj kon als componist geen kant meer op.”

Opluchting

“Alle componisten moesten lid worden van de Bond van Componisten, waarin ze hun eigen ‘fouten’ publiekelijk moesten toegeven en foute collega’s moesten beschimpen. In dat verband werd Sjostakovitsj door Prokofjev en Kabalevski bekritiseerd, en dat viel hem niet licht. Hij componeerde wel, maar publiceerde weinig. Tot maart 1953, toen Stalin overleed. Ik denk dat Sjostakovitsj een zucht van opluchting heeft geslaakt. De politiek/maatschappelijke druk verdween daarna niet. Maar het decreet van 1948 werd vernietigd, componisten kregen iets meer ademruimte, en Sjostakovitsj presenteerde zijn tiende symfonie.”

Menselijke emoties

“Er is nog steeds debat over wat Sjostakovitsj eigenlijk met deze en andere symfonieën wilde zeggen. Veel commentatoren relateren de muziek aan politieke ideeën. Dat heeft vooral te maken met de publicatie in de Verenigde Staten van Testimony van de Rus Solomon Volkov, in 1979. Dat zou de weerslag zijn van gesprekken die Volkov met Sjostakovitsj voerde tussen 1971 en 1974. Daarin doet Sjostakovitsj uitspraken over de politieke inhoud van zijn muziek, die echter niet in andere bronnen worden bevestigd. Over de Tiende symfonie zegt hij: ‘It’s about Stalin and the Stalin years.’ En: ‘Het tweede deel, Scherzo, is een portret van Stalin.’ Over de authenticiteit van de memoires in Testimony heerst tot op de dag van vandaag controverse. Veel vrienden van Sjostakovitsj bevestigen echter de strekking van de uitspraken. Daarmee wordt zijn werk dus sterk gepolitiseerd en ik vind dat jammer. Deze geweldige muziek verdient het om zonder enig programma te worden ervaren. Het is een breed opgezet werk, waarin alle menselijke emoties aan bod komen. Verdriet, woede, angst, wanhoop… het komt allemaal aan bod. Maar in het laatste deel, een jubelende dans, meen ik daadwerkelijk Sjostakovitsj opluchting en hoop te horen.”

GA TERUG NAAR NIEUWSOVERZICHT